Abu Dhabi (3)

Dag 3 en 4: Abu Dhabi
Dag 3 startten we rustig. Na het ontbijt lieten we ons naar Abu Dhabi brengen. We durfden de gewone taxi’s niet zo aan omdat het een reis van ruim een uur is. Dus we lieten het hotel een chauffeur regelen. WJ had bij het hotel waar hij normaal verblijft heel goede ervaring met de hotelchauffeur, die rijden over het algemeen wat bedeesder. Maar dat bleek deze keer een verkeerde zet: deze goede man deed erg zijn best, maar het was de slechtste chauffeur die we tot dan hadden gehad. En de auto was te smerig voor woorden. Maar goed. Onderweg keek ik weer mijn ogen uit. Zo zit je in een grote stad, zo rijd je middenin de woestijn. Waar ik zowaar nog kamelen spotte ook, in de verte. Gewoon, in het wild. Met het zweet in de handen kwamen we anderhalf uur later aan in het hotel waar WJ normaal ook altijd zit.

Zo zit je in de stad, zo zit je in de woestijn. En voor de kijker met héél goede ogen: op de rechter foto zie je héél in de verte kamelen. In het wild. 

Dit was een andere wereld! Van de hectiek van ons vorige hotel in de stad, kwamen in een paradijselijke oase. We begonnen de middag met een lunch aan het zwembad en een verkoelende duik. Heerlijk!
Het hotel kijkt uit over het racecircuit van Abu Dhabi op Yas Island en iets verder zie je het pretpark ‘Ferrari World’ liggen. We zijn er niet geweest, maar je vindt daar (ja, daar is ie weer!) wereld’s snelste achtbaan.

Beetje relaxen bij het zwembad; Abaya cleaning shampoo voor haar, Kandura cleaning shampoo voor hem; Abu Dhabi, gezien vanaf de corniche en de Marina

Aan het eind van de middag namen we een taxi naar de Marina Mall. Onderweg viel op dat Abu Dhabi toch wel anders is dan Dubai. Wat behoudender, het is allemaal nèt iets minder groot, nèt iets minder bling bling. Maar nog steeds indrukwekkend, dat wel.
De Mall zelf is niet erg spectaculair. De merken zijn wat meer mainstream, Zara, H&M, GAP etc. Maar af en toe zit er dan toch opeens een designer tussen, die dan een beetje uit de toon valt. Grootste attractie van de Mall is een 100 meter hoge toren, waarin zich helemaal bovenin een draaiend restaurant bevindt. Gedurende de maaltijd ga je één keer helemaal rond. Het uitzicht is fantastisch. Helaas was het door de spiegeling van de ruiten niet te fotograferen, dus u zult dat gewoon van mij moeten aannemen.

De toren van de Marina Mall en rechts een poging tot het fotograferen van het uitzicht op het Emirates Palace Hotel. Met gratis en voor niks de reflectie van het decor van het restaurant erbij.

Dag 4
Deze dag gingen we vroeg uit de veren, want er stond een bezoek aan de Sheik Zayed Grand Mosque op het programma en de bus vanuit het hotel vertrok om 9:15. Een moskee bezoeken doe je natuurlijk met het nodige respect, dus er zijn strenge kledingvoorschriften. Voor de dames betekent dat je armen tot je polsen bedekt, je benen tot je enkels, geen strakke kleding en het hoofd bedekt. Voor de heren is het iets soepeler, maar blote benen worden niet op prijs gesteld. Gelukkig was ik goed voorbereid, maar anders kun je ter plekke een abbaya lenen.

Yours truly in een zedige outfit; de pracht en praal van de moskee

De moskee is werkelijk prachtig. Kosten nog moeite zijn gespaard om hier een fantastisch bouwwerk neer te zetten. Puur, helder wit marmer voor alle vloeren, muren en daken. Pilaren die met edelstenen en mineralen zijn ingelegd in de meest fantastische bloemenmotieven (en zo vakkundig dat je niet eens naden voelt als je er met je hand overheen gaat). Uitgehakte bloemenreliëfen op de muren. mozaieken aan de muren. Het grootste handgeknoopte tapijt ter wereld. Enorme kroonluchters van Swarovski-kristallen (tot voor kort de grootste kroonluchter… ter wereld, maar die is inmiddels ingehaald door een andere). En muren ingelegd met witgouden motieven en ledverlichting. Je komt echt ogen te kort.

Eén van de zuilengalerijen. Alles goud wat er blinkt. En edelstenen.
Tot voor kort de grootste kroonluchter ter wereld; Prachtige bloemmotieven op muren en vloeren; een ‘klein’ kroonluchtertje; wereld’s grootste tapijt. 
Kunstige wanddecoraties. De linker is uitgehakt in het marmer, niet opgeplakt!

Bij terugkomst in het hotel hingen we nog even de toerist uit. We loungden aan het zwembad en ik liet me nog een uur heerlijk masseren in de schoonheidssalon. Zalig! Maar daarmee zat mijn tripje er helaas op: de nachtvlucht zou mij weer naar huis brengen, terwijl manlief de volgende dag gewoon weer aan het werk moest.

(Hier vindt u deel 1 en deel 2)
Advertenties

Dubai (2)

Dag 2
Op dag twee bekeken we Dubai van de andere kant. We bezochten de ‘oude’ stad. Nou is dat oud relatief, het Dubai Museum is het oudste gebouw en dat stamt uit 1787. Eerst brachten we een bezoekje aan het Museum, waar ze van alles vertellen over de geschiedenis en cultuur van Dubai. Winkeltjes en dorpjes zijn nagebouwd en zelfs de geuren zijn toegevoegd. Erg leuk!

Nagebouwde taferelen in het museum. Het blijft een naaiblog he…

Daarna zijn we een rondje gaan wandelen (dan aan Elke van Curl Up voor de routebeschrijving!). Eerst door de fabric souk, waar het stikt van de voornamelijk Indiase stoffenwinkeltjes. Het meeste wat er hing was niet mijn smaak (nogal bling bling) en binnen durfde ik nergens te kijken, want de verkopers waren nogal opdringerig en ik was bang anders met een vrachtwagenlading stof weer naar huis te moeten keren. Achteraf wel een beetje spijt natuurlijk, want eigenlijk was ik toch wel nieuwsgierig.

De Fabric Souk; Traditionele gebouwen met windtorens: een soort natuurlijke airconditioning.

Eenmaal de stoffenwijk uit belandden we aan de kade van de Dubai Creek. En daar leek het alsof we in een compleet andere wereld kwamen. Volgestouwde houten boten met kleurig versierde opbouwen (denk aan de bussen in India), kleine abras – bootjes voor personenvervoer naar de overkant en een drukte van belang. We verbaasden ons op de wijze waarop daar allerlei goederen vervoerd werden. Boten vol huizenhoog opgestapelde lcd-tv’s bijvoorbeeld, precair wiebelend en vastgebonden met een enkel touwtje. Of vrachtwagentjes die ook weer té vol gepropt waren met koelkasten en andere witgoed. En ook hier weer verkeerschaos en een hoop getoeter natuurlijk.

Nog een stukje stoffensouk; ‘vrachtschepen’ op de Dubai Creek; abras om het water mee over te steken; en yours truly aan het genieten.

Wij namen voor een paar cent de abras naar de overkant en liepen een eind verder. Eerst door de spice souk, waar de heerlijk geurende kruiden verkocht werden. Van het gros had ik geen idee wat het was, maar lekker ruiken deed het wel.

Na een stukje lopen kwamen we bij de gold souk uit. Ongelooflijk hoeveel goud daar blinkt. Bij de ingang tref je meteen ‘wereld’s grootste ring’. En vanaf daar is het alles goud wat er blinkt. De mensen in Dubai zijn dol op alles wat bling bling is en dat is te zien: de etalages puilen uit van de gouden, met diamanten versierde sieraden. Hoe groter, hoe beter lijkt wel.

De Spice Souk; en ‘een beetje’ goud in de Gold Souk

Na de souks besloten we weer de andere kant op te gaan, terug naar het modernere deel. We namen de metro, van waar je een geweldig uitzicht hebt over de hele stad. Hij gaat namelijk voor het grootste deel bovengronds. En de metro is onbemand, zodat je als je mazzel hebt, helemaal vooraan kunt staan en alles goed kunt zien.

Uitzichten vanuit de metro: Burj Khalifa, de Burj al Arab en de Dubai Marina. En mocht u het willen:  het is verboden om vissen mee te nemen in de metro!

We maakten een tussenstop voor een late lunch bij een restaurantje aan de voet van de Burj Khalifa, maakten nog een korte ronde door de Mall en stapten weer op de metro richting de Dubai Marina. Onderweg kom je dan weer allerlei moois en bijzonders tegen. Zo kunt je de Mall of the Emirates zien, waar de enige overdekte zwarte piste ter wereld is. Even verderop kun je in de verte de Burj al Arab zien, ook al zo’n vernuftig staaltje bouwkunst. En dan opeens doemt de Marina op, als een soort klein Manhattan.

Manhattan van het Midden Oosten: Dubai Marina

De Dubai Marina is een jachthaven waaromheen enorme hotel- en appartementencomplexen staan. Er loopt een hele lange boulevard langs het water, waarop iedereen ’s avonds loopt te flaneren onder de bling bling verlichte palmbomen. Of te sporten (hardlopen, skeeleren, fietsen…). En er zijn enorm veel restaurantjes. Wij kozen voor de gelegenheid en Libanees restaurant, wat het dichtst bij de authentieke Arabische keuken komt. Het eten was niet heel spectaculair (denk een doorsnee Grieks restaurant in Nederland met kebab, shoarma en andere grillschotels), maar het uitzicht was erg leuk. En het is gewoon bijzonder om in zo’n heel andere wereld te vertoeven.
We namen na het eten weer een taxi terug en maakten ons op voor dag 3…

(Deel 1 van dit reisverslag vindt u hier)

Dubai (1)

U bent gewaarschuwd. Het volgende bericht kan elementen van jaloersmakende aard bevatten.

Mijn man is de afgelopen maanden voor zijn werk bijna continu in Dubai en/of Abu Dhabi geweest. Onlangs had hij daar een verblijf van bijna 4 weken aaneen en kwam hij tussendoor niet naar huis. Ik ging naar hem. Zonder kinderen (Whoohoo!! Zomaar even tijd met z’n tweetjes!) Het was een kort verblijf, 4 dagen. Maar het voelde als wéken weg, zoveel deden we.

Dag 1
Na een flinke vertraging landde ik midden in de nacht op het vliegveld van Dubai, waar mijn echtgenoot temidden van de chaos op mij stond te wachten. Publieke uitingen van affectie zijn verboden in Dubai, dus we zwaaiden liefdevol naar elkaar en toen zochten we een taxi.

Ons hotel lag in Sharjah, nog best een eind buiten Dubai zelf. Een dolle taxirit bracht ons erheen. Voor vertrek had ik al diverse waarschuwingen gelezen over het Dubaise verkeer en die zijn zeker niet overdreven. Ze rijden er als idioten. Veel te hard en vooral zonder enige vorm van anticiperen. Wij zien van mijlen ver al dat er van rechts een auto wil invoegen, maar de Dubaise taxichauffeur blijft in zo’n geval stug rechts rijden, geeft nog wat extra gas bij en begint vervolgens als een woest te toeteren als het op een bijna-botsing uitdraait. Men haalt zowel links als rechts in als het zo uit komt, voegt op het allerlaatste moment nog even in of uit en dat gaat niet in een vloeiende lijn. En als degene vóór je voor jouw gevoel te langzaam rijdt, dan ga ja gewoon óp die bumper zitten en lichtsignalen geven. Ook met een constante snelheid rijden is kennelijk een hele opgave, het is telkens gas geven, remmen, gas geven, remmen… Tsja. Afijn, ik was blij dat we heelhuids in het hotel aan kwamen.

Uitzicht vanuit onze hotelkamer: een heel andere wereld

Na een heerlijk ontbijt-op-bed vertrokken we die dag richting de Dubai Mall. De Mall is het grootste winkelcentrum ter wereld (als er tenminste verderop niet een nog grotere gebouwd is inmiddels, dat gaat daar heel snel). We keken onze ogen uit. Niet alleen is het héél groot, maar ik heb ook zelden zoveel luxe winkels bij elkaar gezien. Echt elke beroemde designer ter wereld heeft daar een winkel. Chanel, Dior, Gucci, Prada, Alexander McQueen… Noem het op en het zit er. En de grap is dat ze bijna overal ook nog een kinder-versie van hebben. De Baby Dior bijvoorbeeld. Of de Armani Kids. En te zien aan de hoeveelheid van dergelijke winkels en mensen die er met tasjes in de hand weer uit komen is er ook echt een markt voor.

Zomaar wat winkels: de Gucci Kids, Louis Vuitton, sieraden van De Beers en Versace en een prachtige jurk in de etalage van Elie Saab

Verder zijn er een aantal grote speelgoedwinkels (o.a. Hamley’s uit Londen heeft er een vestiging) en ook beroemde warenhuizen als Bloomingdales en Galeries Lafayette zijn vertegenwoordigd. Affijn, u snapt het inmiddels wel: alles wat enigszins naam heeft zit er. Ook gewoon H&M en Zara trouwens. Maar dat is zo gewoontjes…

Het Fashion District met de echt grote namen als Dior en Chanel. Aan het plafond hangen duizenden kleine vlindertjes; Een van de fonteinen in het winkelcentrum; Dior Kids; ‘Zomaar’ een lamp bij de Gold Souk in het winkelcentrum.

In het winkelcentrum zitten naast de enorme hoeveelheid winkels en restaurants ook een ijsbaan (Olympisch formaat) en een heel groot aquarium (met het grootste glazen paneel ter wereld en ik meen dat ie ook qua waterinhoud het grootst is). Niet alleen het glas is groot, maar ook de vissen: ik heb nog nooit zúlke grote haaien van zó dichtbij gezien. Je kunt ook nog met een tunnel door het aquarium lopen én er is een water-dierentuin. Dus daar zijn we ook een tijdje zoet mee geweest.

Daarna deden we nóg een rondje langs de winkels. En ik weet zeker dat we nog steeds niet alles gezien hebben. We zijn eigenlijk nergens daadwerkelijk IN geweest, want de keuze is zo overwhelming, dat je niet weet waar te moeten beginnen. Bovendien is het meeste ook vér boven budget. Maar met mensen kijken vermaakten we ons meer dan kostelijk. Zo is het bijvoorbeeld erg grappig om een volledig in abbaya geklede vrouw de Victoria’s Secret in te zien gaan en daar bewonderend met een minuscule roze kanten bh te zien wapperen. Of diezelfde mensen Chanel of Dior te zien verlaten met armen vol tassen, alsof het niets is. Ook schoenen zijn big business, aangezien die onder de abbaya uit steken en dus het enige zijn waar je voor de buitenwereld mee kunt pronken (op je Lamborghini of Range Rover na dan). Dus de winkels in het ‘shoe district’ hadden flink wat aanloop (Prada! Manolo Blahnik! Christian Louboutin! Jimmy Choo! *kwijlt*).

Burj Khalifa; de brug van de Mall naar de de Souk aan de overkant; bij de Souk zijn allemaal restaurantjes waar je heerlijk kunt eten en een fantastisch uitzicht hebt

Buiten de Mall bevinden zich ook nog een paar attracties. Er is een overdekte souk, dat een beetje in oude stijl nagebouwd is. Jammer dat het wel een hoog Efteling-Fata Morgana-gehalte heeft.
Hoogtepunt is letterlijk het hoogste gebouw ter wereld, de Burj Khalifa. De Burj Khalifa is groot. Heel groot. Maar liefst 828 meter hoog is ie. Eigenlijk besef je niet eens hóe groot hij is, tot je ergens halverwege opeens wolken ziet langs komen. Of tot je een foto probeert te maken en je hem er gewoon niet in zijn geheel op krijgt, alleen maar in de panorama-stand. Helaas konden we er niet in, de kaartjes waren uitverkocht. Maar vanaf de grond is hij ook al heel indrukwekkend. ’s Avonds is hij dan ook nog eens verlicht met twinkelende lampjes, ook heel spectaculair.

Aan de voet van de Burj Khalifa is een hele grote vijver met daarin een enorme fontein. Deze fontein spuit in verschillende patronen, op muziek, en met een complete lichtshow. Hij kan tot 150 meter hoog spuiten en dat is een waar spektakel. Compleet over the top, net zoals zoveel in Dubai. Toen wij er aan kwamen, waren we net op tijd voor de eerste fontein-show van de avond. Op Pavarotti die ‘Nessun Dorma’ zingt. Kan het theatraler? We keken onze ogen uit.

Inmiddels was het weer tijd voor het avondeten en dat deden we bij Dean en DeLuca (ja, die uit New York). Met uitzicht op de Burj Khalifa én de fonteinen, die elk half uur een andere show vertoonden. Wat een genot! Het eten was erg lekker. Ik koos een selectie aan mezze, allemaal lekkere hapjes. En at een heerlijk romig linzensoepje. Smullen! En natuurlijk weer een mocktail erbij. WJ had een soort pie, die ook heerlijk smaakte.

Een selectie van sapjes en hapjes die wij her en der aten: een genot!

Het eten in Dubai is internationaal-met-een-oosters tintje te noemen. Echte fusion. Zo’n 20% van de bevolking komt namelijk maar uit de Emiraten, de rest is ‘import’. Heel veel Indiërs en Pakistani, veel mensen uit Thailand en omstreken, en heel veel expats, vooral uit Engeland. Dat maakt de keuken tot een leuke, verbazingwekkend milde mengelmoes. Ik vond het allemaal erg smakelijk (en vond bij thuiskomst ons eten maar wat gewoontjes, dus ik heb ineens de onhebbelijke gewoonte ontwikkeld om overal munt en komijnpoeder doorheen te gooien. Het liefst met kikkererwten erbij.).

Na het eten hebben nóg maar een rondje winkelcentrum gedaan, op vrijdag is het winkelcentrum tot 00.00 u open. En tot onze verbazing werd het alleen maar drukker en drukker, naar mate het later werd. Tegen elven kon je er over de hoofden lopen. We namen de taxi terug naar het hotel en ploften uitgeput in slaap. Op naar dag 2…