Linden, Plantain en ZsaZsa

Zoals ik vorige keer al schreef, zat de productie er goed in de afgelopen week. Met alle verhuisperikelen achter de rug kon ik mij eindelijk echt lekker terugtrekken in mijn nieuwe werkkamer en had ik weer inspiratie voor een paar snelle projecten.

Ik begon met het Linden Sweatshirt van Grainline. Dat patroon stond al een tijdje op mijn verlanglijstje. Na de worsteling van het in elkaar plakken van het patroon pakte ik er enthousiast de stof bij die ik in gedachten had, maar helaas bleek dat niet te passen. Ik ging daarom voor een stof die ik eigenlijk helemaal niet zo mooi vond, ooit gekocht in een vlaag van verstandsverbijstering aanbieding. Legergroene stretchstof in een soort van double-gauze met een reliëf erin. Ik had er eerlijk gezegd weinig vertrouwen in. Maar tot mijn grote verbazing had ik een klein uurtje later een geweldige trui in elkaar gelockt. Misschien nog wel een van mijn meest favoriete maaksels tot nu toe. Hij zit heerlijk, de pasvorm is goed en is lekker warm. Wat wil een mens nog meer?

Het funky stofje van de trui

Na de sweater besloot ik de mappen op mijn laptop eens door te spitten, want ik heb in de loop der jaren een hoop patronen gedownload waar ik nog niks mee gedaan heb. In die digitale brij kwam ik ook het (gratis) patroon van het Plantain T-shirt van Deer & Doe tegen. Een heel basic patroon voor een t-shirt. NIks meer, niks minder. Ik had meteen een stof in gedachten, een taupekleurige punto di roma (toch wel makkelijk, zo’n enorme stash). Maar wederom bleek ik te weinig te hebben (the story of my life). Het zou wel uitkomen als ik een van de panden in twee delen zou knippen. Laatst hoorde ik bij de Great British Sewing Bee de geweldige opmerking “If you can’t hide it, make it a feature”. Dus ik deed precies dat: ik knipte het voorpand radicaal doormidden en stikte de naad door met een tweelingnaald. En dat werkte. Net even anders dan anders is het shirt zo, en daarom extra leuk. Dus daar gaan er meer van volgen. Al dan niet met naad op het midden.

If you can’t hide it… (in het echt overigens zonder rare vlek)

De flow was nog niet voorbij, want toen afgelopen zaterdag het zonnetje scheen kreeg ik de lente in mijn bol en had ik ineens behoefte aan een vrolijk rokje. Nou hang ik altijd een beetje tussen stijlen in. Vaak ga ik voor basic, monochroom, strak. En soms wil ik zomaar ineens bloemetjes en knalkleuren, King Louie-stijl. Ik had nog een bloemetjesstofje liggen van een Stoffenspektakel van jaren geleden, dat werkelijk King Louie schreeuwde. Dus dat was snel bekeken. Ik gebruikte het patroon van een A-lijnrokje van Madame Zsazsa. Ik nam een maatje kleiner dan ik normaal neem, in verband met de rekbaarheid van de tricot. Ik maakte er een dubbele pas in voor wat meer stevigheid en zette er een elastiek in. Laat de lente maar komen, ik ben er klaar voor!

Oh ja. Deze wilde ik u niet onthouden. Het zat er al vroeg in, zullen we maar zeggen. (Ik was 6 op deze foto en had het naaimachientje voor mijn verjaardag gekregen. Kan me niet herinneren dat ik er veel mee deed en herinner me vooral veel gedoe met vastlopende onder- en bovendraden, maar toch…)

Advertenties

Lente

Ik snak al heel lang naar voorjaar. Zo ongeveer vanaf half januari. Maar telkens als ik denk ‘Ha, daar heb je het!’, begint het weer te sneeuwen. Of te vriezen. Of allebei.

De krokussen doen buiten ook wanhopige pogingen om een lentegevoel te creëren, maar ook zij vinden het denk ik nog te koud. En gelijk hebben ze.

Maar ja, eens zal die lente toch wel komen. En dan ben ik vast voorbereid. Ik maakte namelijk een vrolijk geel-geruit rokje.

Eigenlijk hou ik helemaal niet van geel, maar deze stof vond ik te schattig om te laten liggen. En zeg nou zelf: dit schreeuwt toch ‘lente’?

Als patroon nam ik het welbekende A-lijn rokje van Madame Zsazsa. Ik stopte een zwarte paspel tussen platstuk en rok om het gele een beetje te breken. En voor de frivoliteit naaide ik een kantje aan de voering.

Kom maar op met die lente, ik ben er klaar voor!

Allemaal rokjes

Gisteren kreeg ik ernstig de kriebels. Ik moest en zou dingen creëren. De laatste tijd heb ik vooral na zitten denken over toekomstige projecten, maar nu werd het weer tijd voor Doen. Maar om dingen te kunnen doen, heb je natuurlijk materialen nodig. Al surfend over het net strandde ik eerst bij een webwinkel waar ik flockfolie en paspelband insloeg. En daarna bedacht ik dat ik mijzelf best wel eens mocht verwennen, en bestelde ik haar boek.

Na school werd ik vanmiddag bestormd door Thijs, die een dikke envelop uit de brievenbus gevist had: mijn flockfolie en paspelband. Dat was snel! Even later liep ik zelf in de gang, en zag ik nog net de hand van de postbode, die een briefje door de bus duwde. Kennelijk had ik de deurbel even eerder niet gehoord (wat ik best bijzonder vind, want dat ding maakt een enorme herrie, maar soit). Ik rende de deur uit en kon nog nèt de aandacht trekken van de postbode die al op de hoek van de straat stond, mét mijn boek. Hoera!

Het boek stelt zeker niet teleur. Het is ontzettend grappig geschreven, er staan heel leuke patronen in en bovenal wordt alles heel duidelijk uitgelegd door middel van duidelijke illustraties en geweldige foto’s. Er is al menig kwartje gevallen bij mij, sinds ik het boek vluchtig doorbladerde. Dus kunt u nagaan wat aandachtig lezen wel niet teweeg zal brengen!

Helaas voor mij heb ik momenteel nog een ander project dat eerst af moet, voor ik van mezelf rokjes mag maken. Al héél lang geleden beloofd ik Thijs dat ik een rugbyshirt voor hem zou maken. Ik vond een patroon in een oude Knippie en ging enthousiast aan de slag. Daarbij was ik even vergeten hoe beroerd de uitleg doorgaans is in de Knip(pie). Amai, wat een onduidelijkheid! Waarom wilde ik ook alweer een shirt met polosluiting maken?!
Gelukkig vond ik net via haar een tutorial die enig licht op de zaak lijkt te werpen. Ik ga morgen dus maar vol goede moed aan de slag. Mits ik niet weer ziek word, want ik stond vandaag voor de verandering weer eens aardig zwabberig op mijn benen.