Socks of Anarchy

Ik ben een verslavingsgevoelig type. Niet voor ‘enge’ en ongezonde dingen, vreest niet. Maar geef me een goede serie en ik ben verkocht. Dan bestaat er niks anders meer op de wereld en zit ik avond na avond (OK, ook overdag soms – niet verder vertellen) voor de tv. Sinds begin dit jaar hebben we Netflix en dan kan je het eigenlijk al verwachten… de ene serie na de andere verslind ik.
Na het afronden van Call the Midwife, Downton Abbey, House of Cards en Peaky Blinders, zocht ik naarstig naar iets nieuws. Ik weet niet hoe ik erbij kwam, maar ik kwam terecht bij Sons of Anarchy (daar zullen afbeeldingen van Jax Teller op Pinterest wellicht iets mee te maken hebben gehad *ahum*). Een serie over een motorclub met nogal gewelddadige en criminele praktijken. Totaal out of character voor mij, maar vanaf aflevering één zat ik erin.

Tijdens het kijken van zo’n serie móet ik altijd iets met mijn handen doen en zo kwam ik op het breien van sokken. Dat had ik nog nooit gedaan en leek me ingewikkeld genoeg om een uitdaging te zijn (want daar hou ik van). Ik had nog wat Drops Alpaca over van de fair isle sjaal, dus dat was snel bekeken. Ik zou een paar Socks of Anarchy gaan maken.

Al googlend vond ik een gratis patroon voor sokken, die je met twee tegelijk breit op een rondbreinaald, van de teen omhoog. Dat leek me de meest efficiënte manier, want ik ken mezelf: straks is na sok nummer één de nieuwigheid eraf en dan moet ik er nog eentje die vervolgens nooit meer af komt. Het patroon is van Knitpicks en is gratis, altijd leuk. Ik snapte in eerste instantie de patroonbeschrijving van het hiel-deel niet zo goed (wat is in hemelsnaam een ‘gusset’ ??- woordenboek gaf ‘spie’ als vertaling maar dat zei me nog helemaal niks!!), maar al gauw bleek dat als je maar gewoon doet wat er staat – zonder teveel na te denken – je een heel eind komt. En filmpjes kijken van hielen-breien op You Tube helpt ook.

Ik breide en breide, terwijl ik seizoen na seizoen van de serie verslond. Ik ben erg enthousiast over het patroon. Door de manier van breien kun je de sok echt helemaal aanpassen naar je eigen voet. Breder, smaller, langer, korter, het is allemaal geen probleem. Dus er gaan er absoluut nog een paar komen.
Ik kwam al snel op het punt dat ik bijna kon gaan afhechten en paste de sokken nog eens aan. Ze zaten als gegoten!

Maar toen gebeurde het. Kennelijk had ik tijdens het breien steeds de andere sok gepast. Of de andere voet gebruikt voor het passen. Of waren mijn voeten op wonderbaarlijke wijze ineens twee maten groter geworden. Of was mijn breiwerk gekrompen. Anyhow… ik kreeg hem niet meer uit. Niet voor of achteruit ging hij. Muurvast. Echt geen enkele beweging. Nada. Dus toen restte me nog maar één hartverscheurende oplossing: ik moest hem lostornen om weer uit te krijgen. Aangezien de sokken met twee tegelijk gebreid worden en de andere toch ook wel erg aan de strakke kant zat, besloot ik die ook maar los te tornen. Tot net voor het hielstuk, want daar bleek ik sowieso iets fout gedaan te hebben. Zucht.

De parallel met de serie was frappant, want net op dat moment liep het in de serie ook allemaal in de soep. Zal je net zien. Dus terwijl zij worstelden met het voortbestaan van hun club en alles heel ingewikkeld werd, worstelde ik ook en raakte bij mij ook alles in de knoop. Zij het met wat minder slachtoffers. En met wat minder bloedvergieten. Al vloekte ik waarschijnlijk wel net zo veel. En zat er naast mij op de bank ook af en toe een man met een baard. Maar dat terzijde. Een hele middag was ik bezig om weer een fatsoenlijke bol van de draad te kunnen maken, want mijn hemel, wat zat dat in de knoop allemaal! Echt, de leugens en complotten in de serie waren er niks bij. Maar goed, na wat uurtjes ploeteren had ik mooie bollen en kon ik weer aan de slag. Pfieuw.

Gelukkig bleek bij poging twee de hiel veel beter te gaan dan de eerste keer, ik had echt iets gemist in de beschrijving kennelijk. Want ineens leek het ook een stuk ruimer allemaal. Ik ben ook zo slim geweest om ietsje meer steken te nemen rond de enkel. Om nog zo’n calamiteit te voorkomen.

Helaas vond er toen een andere calamiteit plaats. Want terwijl ik de laatste aflevering van het voorlaatste seizoen afrondde en mij helemaal verheugde op een avondje binge-breien, bleek dat het laatste seizoen nog niet op Netflix staat. Grmbl.

 

Advertenties

Fair Isle Knit-along

Vorig jaar schreef ik al dat ik graag fair isle wilde leren breien. Om het te leren ging ik meedoen met de knit-along van Wieke van Keulen, waarin alle basics duidelijk werden uitgelegd. Ik begon eerst met de welbekende Zeeman-acryl, maar dat gaf toch niet echt een mooi effect. Het was te dik en zag er ook goedkoop uit. Na een leuk ‘gesprekje’ op instagram ben ik overstag gegaan en kocht ik echte wol, Drops Alpaca. Het was even wennen om met zo’n dun garen te breien, maar uiteindelijk kreeg ik de slag goed te pakken.

Voor wie het niet weet: fair isle brei je het liefst in het rond, op een rondbreinaald. Je krijgt dan dus een lange gebreide koker, die in een later stadium doorgeknipt zal moeten worden om zo een platte lap te krijgen. Ieks. Dat breien doe je met twee draden tegelijk, waarbij je de ene draad/kleur in de ene hand houdt en de andere in de andere hand. Je breit dan dus met de ene hand ‘continentaal’ en met de andere hand ‘gewoon’.

Ik heb me erover verbaasd hoe snel ik dat breien met twee draden onder de knie had. Uiteindelijk leek het allemaal wel vanzelf te gaan. Ik merkte aan mijn breisel hoe mijn breitechniek veranderde naarmate ik verder kwam. Onderin was het allemaal heel strak en vrij onregelmatig, naar het einde toe mooi recht en gelijkmatig. Het was elke week weer spannend wat het volgende patroon zou zijn, dat maakte het breien extra leuk!

Na het breien kwam het engste deel: het doorknippen van de gebreide ‘rol’. Echt doodeng was dat, want wat nou als de boel zou gaan lostornen? Maar gelukkig was mijn versteviging langs de kanten goed genoeg en bleef alles goed in elkaar zitten. Wat een opluchting!

Het vervelendste deel vond ik nog de aangebreide bies ter afwerking. Want, mijn hemel, wat was die sjaal lang en breed. En wat duurde het dus lang voor ik die (saaie!) bies af had. Maar goed, uiteindelijk was het allemaal de moeite waard, wát een indrukwekkende lap!

Jammer alleen dat toen bleek dat mijn sjaal wat scheef was. Doordat mijn techniek wat veranderde tijdens het breien, was de boel onder bijna 15 sm smaller dan boven. Als dat nog maar goed kwam! Gelukkig bleek mijn angst ongegrond. Na wassen met Eucalan en blokken (wat een enorme lap, waar laat je zoiets!) kwam er een prachtige sjaal tevoorschijn! Helemaal recht, ontzettend zacht en alle onregelmatigheden waren als sneeuw voor de zon verdwenen.

Ik zou bijna zeggen ‘ik kan haast niet wachten tot ik hem weer om kan’, maar ik zou graag toch eerst nog een beetje zomer krijgen.

South Bay shawl

Ergens voorbij Lyon begon ik eraan afgelopen jaar, de op internet alom geprezen South Bay Shawlette. Ik haakte tot ver in Zuid Frankrijk en toen we op de plaats van bestemming kwamen, was ik al een heel eind gevorderd. De hele vakantie en ook daarna haakte ik als een bezetene. Overal ging mijn haaksel mee naartoe (hockeytraining, zwemles…). Het patroon zat al snel in mijn vingers, maar met haaknaald 2,5 en een heel dun garen (Hema, ‘fine’) was het best een gepriegel. En naarmate de sjaal groter en de rijen dus langer werden, ging de lol er wel een beetje af. Steeds maar weer dat zelfde patroon met dat kleine haaknaaldje… Ik verzon allerlei excuses voor dringende-projecten-die-echt-eerst-moesten. Sjaals, telefoonhoesjes, noem maar op. Alles had opeens een hogere prioriteit. Maar met mijn laatste projecten afgerond had ik toch echt geen excuus meer. Nu moest ie af.

 

Toen ik de draad weer oppakte, bleek ik al best ver te zijn. Ik moest nog maar een paar rijtjes. Toen de strepen eenmaal in balans waren voor mijn gevoel, haakt ik er nog een randje met bolletjes aan. (Een tutorial daarvoor vindt u onder andere hier). En toen was de sjaal af. En was hij wel heel groot. Geen South Bay Shawlette, zoals het patroon het noemde, maar een heuse Shawl. Van punt tot punt is ie 2 meter. Wow.

Maar goed, al dat werk was niet voor niets, want ik vind hem helemaal geweldig geworden. Juist door het dunne garen komt het patroon heel mooi uit. En hij valt ongelooflijk soepel. Als omslagdoek, om mijn nek geslagen, geknoopt, het kan allemaal. Dus deze labour of love was de moeite echt waard! Ik draag hem dan ook bijna continu.

Een nieuw project kon natuurlijk niet uitblijven. Deze keer pakte ik de breinaalden op en begon ik aan het Caramel-vest (weer een gratis patroon via Ravelry). Voor mij de eerste keer dat ik a) een kledingstuk voor mezelf ga breien en b) dat ik een kledingstuk helemaal rond ga breien, dus zonder naden. Voorlopig snap ik het nog allemaal, maar ik ben benieuwd hoe het straks gaat. Want het patroon vraagt om het gebruik van sokkenbreinaalden (double pointed needles) bij het breien van de mouwen en die heb ik niet. Nou kwam ik op internet ook tutorials tegen voor de magic loop-methode waarbij mouwen met rondbreinaalden gebreid kunnen worden, dus daar ga ik me snel in verdiepen. Altijd leuk om een excuus te hebben om weer iets nieuws te leren!

Productie

Je zou zeggen dat ik na de interne verhuizing van de vorige keer en de carnavalsstress wel even rust verdiend had. Maar rust zit niet zo in mijn aard geloof ik. Dus na een weekje bijkomen (min of meer gedwongen, want ik liep een lichte hersenschudding op door het stoten van mijn hoofd tegen Floortje’s bed en zag een paar dagen niet zo helder) begonnen we aan verhuizing part two: onze slaapkamer naar beneden en die van Thijs naar boven. Hoewel de vorige verhuizing meer zooi en ook veel meer uitzoek- en naar-de-stort-breng-werk beheslde, was het deze vele malen zwaarder. Letterlijk, want er moest een boxspring ontmanteld worden en een enorme Ikea Pax-kast met glazen schuifdeuren. Er waren drama’s met doldraaiende schroeven (bed) en niet-te-tillen glazen deuren (van de kast – die echt tot op de laatste schroef uit elkaar moest om door het trapgat te passen). En algehele uitputting van alle betrokkenen, uiteindelijk. Ruim twee dagen buffelden we door, maar na het weekend konden we uitgeput en tevreden op onze lauweren rusten. Thijs blij, wij blij.

Toen de rust wedergekeerd was ontving ik een nieuwe telefoon en natuurlijk was daar weer een hoesje voor nodig. Dus ik haakte een uurtje (of twee) et voilá: mijn nieuwe maatje kan ook weer beschermd (en hip) door het leven. Volgens dezelfde methode gehaakt als de tablethoes die ik eerder maakte: tapestry-haken in een zelf bedacht driehoekjesmotief.

Met ook dat haakseltje uit de weg geruimd kon ik het niet langer uitstellen: de sjaal van WJ waar ik laaaaang geleden mee begon (zie Instagram) moest nu echt af, voor het straks lente is en hij er voorlopig niks meer aan heeft (althans, dat hopen we). Gelukkig liep ik ook nog wat achter bij het kijken van mijn favoriete series (Grey’s Anatomy en Scandal) en dus installeerde ik mezelf een paar avonden in bed met de laptop en mijn breiwerk (en een electrisch dekentje, kan het nog relaxter?) en binnen no time was ook die klus geklaard.
Het patroon is de Classic Cables Scarf, gevonden op de site van Lion Brand (gratis patroon als je je aanmeldt op de site – ook gratis). Er wordt gebruik gemaakt van een aantal gedraaide steken, wat een heel mooi effect geeft. Ik gebruikte voor deze sjaal 6 bollen Scheepjeswol Stonewashed XL. Heel jammer alleen dat mijn laatste bol een ander kleurbad bleek te hebben dan de rest (het was de laatste bol uit de winkel, dus ik had weinig keus). Maar goed, eenmaal omgeslagen zie je dat niet.

The making of. Vele uurtjes op de bank, in bed en in de kantine van de hockeyclub en het zwembad.

Alsof dat allemaal nog niet goed genoeg was, zette ik mezelf ook nog achter de naaimachine en maakte ik achtereenvolgens een Linden Sweatshirt, een Plantain T-shirt en een Zszsarokje. Maar daarover een andere keer meer.

Tablethoes

Onlangs stapten wij over op een ander televisieabonnement en als welkomstcadeau kregen we een tablet(je). Buiten dat het heel leuk speelgoed is, gaf dat natuurlijk ook weer wat te doen. Want een tablet zonder hoes, dat kan natuurlijk niet. De laatste tijd zag ik overal op internet ‘tapestry crochet’ langskomen en dit leek me het uitgelezen moment om die techniek eens uit te proberen.
Ik bekeek een tutorial op YouTube en concludeerde al snel dat het niet ingewikkeld was. Zó niet-ingewikkeld zelfs, dat een uurtje of twee later de hoes af was.

Deze week rondde ik ook nog een nieuwe colsjaal af. Na het zien van mijn vorige versie wilde mijn schoonzus er ook heel graag eentje, maar dan in het zwart. Dus ik pakte de breipennen weer op en binnen twee dagen was er weer een nieuwe colsjaal gebreid.

Verder ben ik begonnen aan een wat groter project: een kabelsjaal voor mijn man. Ik gebruik daarvoor de heerlijk zachte Scheepjeswol Stonewashed XL. Dat breit echt heerlijk weg. Het patroon plukte ik van de site van Lionbrand (gratis aanmelden). Ik paste het alleen wel ietsje aan, want met vier kabels werd de sjaal wel héél erg breed. Dus nu zijn het er drie. Ik moet zeggen dat ik me verbaas over het gemak waarmee ik die kabels brei. Ik dacht vroeger altijd dat dat hogere wiskunde was, maar dat blijkt dus héél erg mee te vallen! Ik nam het dus gewoon mee naar de hockeyclub, alwaar de trainingen weer begonnen waren.

Ook nog in de maak is een joggingbroek voor Floortje. Zij wil namelijk het liefst zachte broeken aan en ‘gewone’ joggingbroeken vind ik echt niet kunnen naar school toe. Op internet zag ik al meerdere malen het patroon voor de (mini) Hudson Pants langskomen en dat leek me een ideaal patroon: de broekspijpen zijn aardig smal en de bovenkant is wat wijder, waardoor het geheel net wat meer als een ‘gewone’ hippe broek oogt. Afhankelijk van de stofkeuze natuurlijk. Ik bestelde het patroon dus en na wat print- en plakwerk ben ik nu op het punt aanbeland dat ik de schaar moet gaan zetten in de mooie donkerblauwe Punto di Roma die ik nog had liggen. Brrr.

Voor in beeld trouwens nog een heerlijkheid die ik graag wil delen: de Paleo Applecrumble die ik vond op Oh My Foodness. 5 minuutjes voorbereiding, dan 25 minuten in de oven en daarna gezond smullen!

Wollen vest, het laatste maaksel van 2014

Een tijdje geleden vond ik twee couponnen van 100% wol. Ze roken nog helemaal naar schaap en voelden behaaglijk warm. Ik kon ze niet laten liggen, al had ik nog geen idee wat ik ervan wou maken. Maar in de laatste uurtjes van het oude jaar wist ik het opeens: een lekker warm vest! Ik vond in een oude Knip een patroon van een heel simpel jasje dat me wel geschikt leek en ik ging aan de slag. Al gauw bleek dat ik niet genoeg stof had voor panden én mouwen in dezelfde kleur. Maar wel had ik meer lengte dan ik verwacht had. Dus in plaats van een kort vest in één kleur, werd het een lange in twee kleuren. En zo is ie eigenlijk nog leuker ook. Het origineel had geen kraag, maar dat vond ik wat kaaltjes (en koud). Dus ik maakte er zelf een kraag aan. Het vest zette ik met de lockmachine in elkaar, geen overbodige luxe met de dikke, rekbare stof. Ik zoomde de boel met de hand om, dat was net wat mooier. Een hele prestatie, gezien mijn afkeer van met-de-hand-naaien. De lelijke locknaad in de hals werkte ik weg met een sierlint dat ik al jaren in huis had. Ook met de hand eraan genaaid. (Het moet niet gekker worden!)

Met oud en nieuw had ik het vest aan en ik heb het nauwelijks koud gehad, al die uurtjes buiten (met een dikke jas erover en bij de vuurkorf, dat dan weer wel). Maar ik vond het wel jammer dat het vest niet dicht kon. Daarom ging ik gisteren naar mijn favoriete stoffenwinkel en haalde ik daar drie mooie gespen. Stoer, maar toch eenvoudig. En nu doe ik mijn vest dus niet meer uit, tot het lente is. (En dan kan ie ook nog als jas.)

Dat krijg je dan, als je afstandsbediening niet goed werkt: een heel chagrijnig hoofd. Sorry.

Mijn goede voornemens voor dit jaar zijn vooral dat ik geen voornemens heb. Ik zal blij zijn als het een beter jaar wordt als het vorige en we met z’n allen de gezondheid weer wat op peil krijgen. Maar daar gaan we hard aan werken. En voor de rest ga ik gewoon lekker verder met dingen maken. Het eerste nieuwe project zit alweer op de breipennen: weer een kabelcolsjaal, in opdracht. In een mooi diepzwart.

En verder kocht ik gisteren een paar bollen Scheepjeswol Stonewashed, voor een sjaal voor manlief. Want iedereen in huis werd al bedolven onder de maaksels, behalve hij. Dus daar moet hoognodig verandering in komen! Ik weet nog niet hoe de sjaal gaat worden, maar dat verzin ik waarschijnlijk snel genoeg.

Ik wens iedereen een gelukkig 2015 en dat er maar veel mooie dingen gemaakt mogen worden!

Kabelcol en grannysjaal

Vorige week had ik de makeritis te pakken. Het ene na het andere project begon ik. En, wat nog schokkender was: ik maakte ze nog af ook. Het laatste project dat nog af moest was de kabelcolsjaal. Dat deed ik deze week even, tussen de kerstvoorbereidingen door. Ik gebruikte daarvoor één bol Katia Artico en het patroon dat ik er bij kreeg (gratis te downloaden op de site van Katia). Het patroon is ook voor een kabel-beginner goed te volgen. Het ging echt heel snel en ik vond het eigenlijk heel jammer dat ie alweer af was. Dus ga ik er binnenkort nog maar eentje maken, in een andere kleur.

Toen was daar nog een snel tussendoor-project. Op zondagmiddag belandde ik ‘ineens’ bij Nijhof. Dat kan je zo hebben he. En daar hebben ze hele leuke wolletjes. En zo kwam het dat ik daar weer naar buiten ging met een tasje vol van die wolletjes. En dat ik twee dagen later een enorme grannysjaal om mijn nek had. Een hele vrolijke, voor mijn doen.

Deze maakte ik zonder patroon. Gewoon een hele lange ketting van lossen haken en daarna een paar rijen granny’s (drie stokjes, 1 losse en dit herhalen). Ik probeerde eerst wel een paar andere patronen, maar dit vond ik toch het leukst. Op naar een volgend project maar weer!